dinsdag, januari 04, 2005

Tekst bij beelden woestijn olieboring

Diep gloeiende put van liefde. Klein als een haarvat maar oneindig als een doolhof. Wij zoeken jaren naar de juiste toon terwijl de wereld steeds meer gevuld raakt met leugens, futiliteiten, lege hulzen.

Op de vlakte waait het zand beetje bij beetje de krakende lege schelpen onder. Er klinkt een raspig geritsel als de schelpen bezwijken onder het gewicht van het zand en onzichtbaar in duizenden stukjes uit elkaar barsten.

Kilometers verder likt het zand met gerafelde tongen aan de betonnen muren van de stad. De burgers die in de uiterste wolkenkrabbers wonen klagen dat ze er niet van kunnen slapen.
Af en toe wordt 's morgens een bewoner dood in bed gevonden, mondholte tot aan de lippen gevuld met zand. Defecte airconditioning? Niemand poogt deze aggresieve aanvallen van de woestijn te verklaren.

Elk lichaam is een docking station. En wat vergeten de mensen? Dat je nooit ongewapend kan uitgaan. En zwaarden van papier zijn waardeloos. Er moet gewroet worden in de aarde naar echt koper of brons. En de zonnige, onbezorgde mens laat zijn geest steeds opnieuw los en vult gulzig alle gaten van zijn lichaam op met impulsieve verlangens. En terwijl hij daar zo zit te soezen in zijn eigen uitgekwijlde lege woorden en veel te veel te veel zegt, wordt zijn geest gemarteld en gebruikt door de schimmen der aarde.
Een lichaam als een opgesmukte truck, een vuilnisbelt. Leeg. Het praat, maar de geest zwerft uitzinnig over de vlakte.
Creative Commons Licentie
Op dit werk is de Creative Commons Licentie van toepassing.